Een aantal jaren geleden was ik op paardrij-vakantie in Amerika, de gaafste en duurste trip die ik ooit gemaakt heb. Het omhelsde een week lang op western paarden door een fantastisch uitgestrekt landschap scheuren, super lekker eten ’s avonds en verder eigenlijk niks. Op de ranch, waar ik met twee vriendinnen vertoefde, stonden uiteraard paardentrailers waar wel zes paarden overdwars in konden, en die werden voortgetrokken door enorme pick-up trucks. 

Er was een moment dat zo’n wagen met trailer en al terug gereden moest worden naar de ranch. Eén van mijn vriendinnen sprong direct van haar paard. Ik twijfelde want ik had nog nooit met zo’n Amerikaanse stuurpook te maken gehad. Ze verdwéén zowat op de bestuurdersplek van die grote pick-up en ze ronkte zo weg met dat hele gevaarte achter zich aan. Onmetelijk stoer vond ik dat en ik dacht; als ik toch ooit meer in de natuur ga wonen dan wil ik ook zo’n bak. 

Vijf jaar later was het al zo ver. Niemand wist nog dat wij in Frankrijk iets op het oog hadden, maar Theo moest zijn lease-auto inruilen. Dit was de kans: het moest een goede lange-afstandsauto worden, liefst eentje waar je wat hoger op de weg zat, die veel spullen kon vervoeren en die bestand was tegen ruiger terrein. De keuze viel op een Toyota Hilux. Nog een bescheiden formaat vergeleken met die Amerikaanse Dodges en minder imposant dan de Canadese Chevrolet Silverado waar we ooit in rondgereden hebben, maar toch, een behoorlijk degelijke pick-up. 

Geen porem was het, die grote witte bak in ons kleine dorpje in de Randstad. De buurman vroeg wat we in godsnaam van plan waren in dat ding. Wijzelf hadden niet zo snel de associatie met IS, maar als je er op ging letten kwam inderdaad de Hilux veelvuldig in het nieuws voorbij met in de laadbak veel teveel opgewonden bebaarde islam fanaten, zwaaiend met hun zwarte vlaggen en geweren. VN diplomaten werden er ook in rondgereden. Het Rode Kruis in verre oorden. Vrienden van ons hadden er één gehuurd voor een safari in Namibië. Maar wij gebruikten hem vooralsnog voor woon-werkverkeer tussen Oud-Zuilen en Utrecht. 

Hij kwam pas echt tot zijn recht toen we in een jaar tijd wel vier verhuizingen voor onze kiezen kregen en we onze halve inboedel naar de vuilstort en de kringloop brachten. De jongens gingen op kamers, de spullen moesten verdeeld, het ene moest naar Frankrijk, het andere in een opslag en alles kon zo in de laadbak worden gekieperd. Tien pallets heb ik er in opgestapeld, want de jongste wilde een pallet-bed in Maastricht. De buurman zag ineens ook voordelen en wilde hem graag lenen voor zijn ritje naar de vuilstort. In datzelfde jaar zijn we wel vier keer naar Zuid-West Frankrijk heen en weer gereden met een grote aanhanger er achter. 

En nu staan we nog steeds vierkant achter onze keuze. Wekelijks kieperen we de vuilniszakken in de laadbak die een kilometer van ons huis in een container gedumpt moeten worden. Tonnen met lege flessen voor de glasbak. Grof vuil. Natte honden. Partijen haardhout. Je wil het toch allemaal niet op je achterbank. We hebben ermee bomen omver getrokken, stenen uit het dal vervoerd, vastgelopen tractors uit de modder gesleurd en over bospaden gestuiterd op zoek naar onze ontsnapte honden. Kijk, dat doe je niet met een nette Volvo. En hoe goorder hij is hoe mooier ik hem vind. 

Minpuntje is wel dat alle Franse jagers ook met deze auto rondrijden. Met een stalen kooiconstructie achterop voor de jachthonden. Toch weer die associatie met wapens. Maar we rijden er in elk geval niet meer mee voor lul. Deze auto past bij ons nieuwe leven. Eindelijk een pick-up. 

graag delen!